Reuzenschildpadden op Santiago

Een groep van 140 drie tot vier jaar oude schildpadjes werd eind 2015 overgebracht van het fokcentrum op Santa Cruz naar het eiland Santiago. Zij behoren tot de soort C. darwini, de soort die van oudsher op Santiago voorkomt, maar veel te lijden heeft gehad van de mens. De aangevoerde jonkies werden in het zuidoosten van het eiland uitgezet. De opzet is uiteraard om de populatie weer te laten groeien. Volgens de leider van de operatie, parkwachter Freddy Villalva, zijn de omstandigheden daar  juist in het najaar optimaal, vooral omdat er dan volop voedsel en drinkwater voorradig is. Het is dan ook geen toeval dat de parkwachters tijdens hun bezoek aan Santiago op 19 nesten stuitten en in en rond die nesten 30 schildpaddeneieren en 63 pas uitgekomen schildpadjes aantreffen. Eieren en jongen werden op hun beurt meegenomen naar Santa Cruz om daar een aantal jaren veilig en wel in het fokcentrum op te groeien om vervolgens weer in het wild te worden uitgezet.

Hoe belangrijk het is om de voortplanting van de reuzenschildpadden van de Galápagos Eilanden met zoveel zorg te omringen, wordt duidelijk als je de boeken induikt. Zo meldt de Collons Traveller’s Guide “Wildlife of Galápagos” van Julian Fitter e.a. (er schijnt binnenkort een nieuwe druk uit te komen) dat er nu nog maar zo’n 1200 schildpadden op Santiago voorkomen, terwijl dat er enkele eeuwen geleden tienduizenden moeten zijn geweest. De populatie is in het verleden echter door toedoen van de mens aanzienlijk uitgedund. In eerste instantie omdat boekaniers en walvisvaarders de schildpadden als voedsel aan boord meenamen, maar ook omdat de door de mens achtergelaten en sindsdien verwilderde geiten en varkens als voedselconcurrent een geducht gevaar zijn gaan vormen. 

Jonge exemplaren van C. Darwini in het Fausto Llerena fokcentrum op Santa Cruz. Foto: Flickr.com/sheeprus (cc).